|
Het "Feest
van duizend jaar" is de meest spectaculaire ruimte. Deze museumzaal
valt onmiddellijk op door een feesttafel waaraan 24 levensechte
poppen zitten en een speciaal ontworpen koepelvitrine waarin zich
24 voorwerpen bevinden.
De bezoeker
kan hier zelf informatie opvragen: door een knop aan de rand van
de vitrine in te drukken, wordt het gekozen voorwerp opgelicht.
Tegelijkertijd licht de bijhorende pop aan de feesttafel op. Vervolgens
wordt een film op een groot scherm achter de tafel getoond waarbij
het voorwerp én de bijhorende figuur worden geïdentificeerd.
Tenslotte vertelt de figuur, in de gedaante van een beroepsacteur,
zijn levensverhaal.
Opnieuw wordt
hier het collectiestuk in zijn context geduid : wie gebruikte het,
wie was zijn eigenaar ? Deze manier van presenteren boeit de bezoeker
enorm.
Archeologische
objecten in museumverband zijn meestal anoniem en krijgen door deze
opstelling als het ware een menselijk gelaat.
|